|
|
We leven in een masculiene cultuur en zonder dat we het weten kijken we vanuit een masculiene bril naar de wereld. De cultuur in veel orgnaisaties is daar een afspiegeling daarvan. Wat zijn dan masculiene en feminiene kwaliteiten? klik hier voor meer info. Als je wilt meten hoe jezelf scoort, ga dan naar de man-vrouw test, dan krijg je over 4 gebieden in werk een uitslag hoe je daar scoort.
Als je wilt weten hoe masculien/feminien je organisatie is, dan kun je dat ook meten (zie pagina Interventies). Voor een quick scan kan je onderstaande doorlezen en de checklist downloaden.
Masculiene en feminiene aspecten in leiderschap en organisaties
Masculiene organisaties worden gekenmerkt door hiërarchische structuren, top-down besluitvorming, prestatie- of taakgerichte cultuur en bijbehorende controle mechanismes. Het paradigma is maakbaarheid en organisaties worden gezien als mechanische systemen. Communicatie stijl is zakelijk en top-down. Deze inrichting en cultuur stamt af van organisaties uit het industriële tijdperk en is doeltreffend voor organisaties met massaproductie.
Masculiene leiderschapskwaliteiten uiten zich in ondernemerschap, de moed om nieuwe wegen te bewandelen, koers en strategiebepaling en heldere doelstellingen. Iedereen weet waar hij of zij te doen heeft. Besluiten worden snel genomen, er heerst een doelgerichte werksfeer en de regels zijn helder. Bij verandertrajecten wordt gewerkt met doelen, strakke planning en een topdown benadering. In crisissituaties blijken mensen behoefte aan dergelijke leiders te hebben.
Bij teveel masculiene kwaliteiten ontbreekt de zorg en oog voor mensen; de leider wordt een koele kikker, een dictator, drammer, hoekig of alles moet volgens de gestelde norm en vorm. Hard werken, presteren of je plicht doen is de norm. En logica, plannen, meten, controle zijn de sturingsinstrumenten. Angst voor of begeerte naar macht, geld, positie en status worden de drijfveren van beslissingen.
Feminiene organisaties kenmerken zich door platte of genetwerkte organisaties. De cultuur is mensgericht. Het paradigma is dat mensen de organisaties maken en dat er meer is dan wat rationeel en meetbaar is. Er is oog voor het geheel. Werk-privé balans, collegialiteit en duurzaamheid zijn waarden die hierbij horen. De communicatie stijl is bottom-up, open en is gericht op het ervaren of behouden van verbinding tussen de mensen. Dit past goed bij kennisintensieve organisaties, onderwijs en organisaties die met levende wezens werken zoals de zorg en landbouwsector.
Feminiene leiderschapskwaliteiten tonen zich in ruimte geven aan co-creatie, dienstbaarheid aan het geheel, flexibiliteit en gerichtheid op mensen. Het uit zich in oog voor teamspirit en belang van creativiteit, omgevingsbewustzijn, goede netwerkkwaliteiten en bijbehorende accountmanagementkwaliteiten, flexibiliteit en gemakkelijk draagvlak kunnen vinden voor ideeën. Tevens is er feeling voor processen, maat en ritme der dingen. Bij verandertrajecten wordt gebruik gemaakt van dialoog methoden als appreciative inquiry of het U-proces van Otto Scharmer, om co-creatie te realiseren. Veranderingen mogen organisch groeien, er is ruimte voor experimenten en andere zienswijzen.
Bij te veel feminiene leiderschapskwaliteiten duurt het lang voordat er beslissingen worden genomen of gehandeld wordt, is de missie, koers of verantwoordelijkheidsstructuur niet helder, ontbreekt de moed om moeilijke beslissingen te nemen, is er weinig ondernemerschap en worden er te vaak concessies aan mensen gedaan ten koste van efficiency, effectiviteit of resultaat.
Zoals alle sprookjes aangeven gaat het bij menselijke ontwikkeling er om dat de masculiene kwaliteiten gebruikt worden ten dienste van het leven zelf, vaak gesymboliseerd door de prinses, symbool voor het vrouwelijke. Dat de mens zich laat leiden door het hart (vrouwelijke impuls) en dat het mannelijke dit in de wereld neerzet en deze impuls beschermt, ondersteunt.